Waarnemen van een komeet

Diverse artikelen over het waarnemen van kometen op deze site:

Instructies bepaling helderheid

Formulier bepaling helderheid met invulaanwijzing

Komeetfotografie met eenvoudige apparatuur

Algemene tips voor het waarnemen van kometen (Guus Gilein)

Donkeradaptie van de ogen.

Als je uit een verlichte kamer in het donker stapt hebben je ogen enige tijd nodig om aan het donker te wennen. Hoewel je na een paar minuten al veel meer ziet, duurt het minimaal een kwartier voordat je bijna volledige donkeradaptie van de ogen hebt bereikt. Voor serieuze waarnemingen is zelfs een tijd van dertig minuten nodig! Sta je ‘s ochtends wat eerder op om de komeet waar te nemen, probeer je dan aan te kleden zonder enig licht aan te doen. Je ogen zijn dan al volledig aan het donker geadapteerd! Pas op!Zo gauw je je ogen maar even aan licht blootstelt, is je donkeradaptie volledig geruineerd en moet je weer een kwartier wachten voordat je ogen zich weer aan het donker hebben aangepast.

Bereid je voor op het waarnemen.

Leg, als je ‘s ochtends wilt kijken, alvast ‘s avonds de zoekkaart, de verrekijker, het fototoestel met statief, een zaklantaarn met rood licht, je sjaal met handschoenen en muts op een gemakkelijke plek klaar. Je zal er de volgende ochtend, in het donker, blij mee zijn!

Gebruik alleen, indien noodzakelijk, een zaklantaarn met rood
licht.

Ogen zijn vrij ongevoelig voor deze kleur licht, zodat de donkeradaptie niet aangetast wordt. Zorg wel dat het licht zo zwak mogelijk is! (Je hebt in het donker slechts aan weinig licht genoeg om iets te kunnen zien) Heb je alleen een normale zaklantaarn, probeer dan d.m.v. een rood doorschijnend stuk plastic er toch een lantaarn met rood licht van te maken. Ben je handig, dan kan je bij een klein zaklantaarntje het lampje vervangen door een rode LED uit een kapotte radio o.i.d.. Door aan deze LED een kleine weerstand te solderen en dit vervolgens in een gesloten stroomkring met de batterij te monteren, krijg je een perfecte rode zaklantaarn.

Gebruik een grote donkere doek.

(bijvoorbeeld een badhanddoek) die je langs je hoofd om het oculair (of de verrekijker) laat vallen. Op deze manier scherm je jezelf helemaal af voor storend omgevingslicht. Dit kan het verschil betekenen tussen “niets” en “iets” zien. Een bijkomend voordeel in de winter is dat je hierdoor lekker warm blijft!

Zoek een goede waarneemplaats.

Omgevingslicht van straatlantaarns, inbraaklampen bij de buren, zoeklichten van naburige disco’s etc. kan veel van je waarnemingen bederven. ‘s Ochtends is de hemel vaak donkerder dan ‘s avonds, omdat dan veel lampen gedoofd zijn. Ook de hemelachtergrond zelf is dan donkerder omdat moleculen in de lucht, die overdag door zonnestraling in een aangeslagen toestand raken, ‘s avonds onder uitzending van lichtfotonen weer in hun oude toestand terugraken. Je kan dit zien als een soort radio-actief verval. Dit verval duurt tot ongeveer middernacht en licht de hemel dus enigszins op.

Scherpstellen van de verrekijker.

Heb je een prismakijker, gebruik hem! Dit instrument is bij uitstek geschikt om heldere kometen mee waar te nemen. Heeft je prismakijker op een van de twee oculairen een +/- verdeling, stel dan als volgt scherp: Kijk eerst met een oog door het oculair zonder verdeling naar een heldere ster, liefst een die vrij hoog staat. Stel nu op dit ene oog scherp. Kijk vervolgens alleen met het andere oog door het oculair met +/- verdeling en stel dit oculair scherp door aan de +/- verdeling te draaien (en niet door aan de normale scherpstelling te draaien!). Op deze manier wordt de prismakijker gecorrigeerd voor het verschil in oogsterkte van beide ogen. Heb je een statiefaansluiting en een fotostatief, gebruik deze dan. Probeer anders de verrekijker, of je ellebogen, te ondersteunen op bijv. een muurtje. Als je zonder trillingen, die bij kijken uit de losse hand altijd optreden, waarneemt zie je minstens twee maal zoveel!

Perifeer waarnemen.

Kijk je met een oog (door bijv. een monoculair of sterrekijker), probeer dan perifeer te kijken. Je kijkt dan niet direkt naar een object, maar er iets naast. Kijk je met het rechteroog, kijk dan iets links van het object, in dit geval de komeet. Met het linker oog iets rechts ervan. De komeet houd je dus aan de oorkant van de richting waarheen je kijkt. (Je moet wel oppassen dat de komeet niet op de “blinde vlek” komt te liggen, de plek waar de oogzenuw die het oog met de hersenen verbindt, zit. Probeer ongeveer 20 graden aan te houden voor het verschil in kijkrichting). Op deze manier valt het licht van de komeet op de meer gevoelige staafjes, die rondom de kegeltjes in je oog liggen. De kegeltjes liggen op de optische as en worden gebruikt voor direkte waarneming, maar zijn niet zo gevoelig. Na enige oefening zul je verbaasd zijn over de extra hoeveelheid details die je zo kunt zien.

In de wintermaanden: Houd je warm!

Dit laatste, maar zeker niet onbelangrijkste punt moet je niet over het hoofd zien. Hoe mooi een komeet ook is, bevroren ledematen is hij nou ook weer niet waard. Kleed je warm aan, trek ‘s ochtends je broek over je pyamabroek aan, doe een extra trui aan, gebruik goede handschoenen (waarmee je wel gemakkelijk een verrekijker moet kunnen vasthouden!), vergeet de muts niet (je verliest ongemerkt erg veel warmte via een onbedekt hoofd!). Ga je naar een donkere waarneemplaats in de polder, neem dan een thermoskan met warme koffie o.i.d. mee. Ga na enige tijd waarnemen even heen- en weerlopen.